Cijfers liegen niet!

De gulden

Op maandag 28 januari 2002 namen we na bijna 500 jaar definitief afscheid van de Nederlandse gulden. Nou ja, Nederlands... De oorsprong van de gulden ligt in Italië, in Florence om precies te zijn. Daar werd de eerste oorspronkelijke gouden Florentijnse munt, de fiorino d'oro halverwege de dertiende eeuw voor het eerst geslagen.

Fiorino d'oro

Die florijn, een verbastering van de naam voor de oorspronkelijke Florentijnse munt, moest internationale handel mogelijk maken. Daarvoor was een gouden munt nodig want zilveren munten waren te weinig waard voor grote transacties: je zou letterlijk zakken vol geld nodig hebben om handel te kunnen drijven op de Europese markten.

Vul in één van de velden een getal met of zonder decimale komma in. Gebruik géén scheidingsteken voor duizendtallen. Klik daarna op "Bereken".

Tientallen verschillende guldens

De nieuwe munt sloeg aan en werd al snel door heel wat landheren en steden gekopieerd. En hoewel we het niet helemaal zeker weten werd de allereerste Nederlandse florijn, de gulden dus, waarschijnlijk in 1349 in Dordrecht geslagen. Niet lang daarna circuleerden er tientallen verschillende guldens in de Lage Landen. De ponden, schellingen, stuivers en schilden waarmee ook driftig werd (af)gerekend maakten de chaos compleet.

Kist met geld. Copyright © Robbetje®.
Kist met geld. Copyright © Robbetje®.

Het werkelijke geboortejaar van de gulden is echter 1526. In dat jaar voerde Karel V zijn muntunificatie door en moest in het hele Habsburgse Rijk, waartoe ook Nederland behoorde, gerekend worden in gouden Carolusguldens van elk 20 stuivers.

Halverwege de zestiende eeuw werd goud steeds schaarser. Vandaar dat de gulden zo rond 1550 alleen nog als zilveren munt geslagen werd. Enkele jaren daarna was de gulden zelfs helemaal verdwenen: verdrongen door de populaire daalder.

1814: het allereerste bankbiljet

Pas op het einde van de Gouden Eeuw duikt de gulden weer op en in 1694 komen alle gewesten van de Republiek der Verenigde Provinciën zelfs tot één muntpolitiek. De afzonderlijke gewesten houden op met het slaan van hun eigen guldens en de zogenaamde Generaliteitsgulden wordt in de hele Republiek ingevoerd. Albert Scheffer, conservator van het Utrechtse Muntmuseum, in het Financieele Dagblad van 31 december 2001: "In wezen gebeurde toen op Nederlandse schaal wat we nu met de introductie van de euromunten zien."

Echt een nationaal karakter kreeg de gulden pas in 1814, met de invoering van het bankbiljet. En in 1816 natuurlijk, want toen werd wettelijk vastgelegd dat de gulden de basis van ons nationale geldstelsel zou vormen.Vanaf dat moment was de gulden ook niet langer onderverdeeld in stuivers en duiten, maar in centen...